04 april 2016

Stapelen met roosters, versterken van duurzame inzetbaarheid

 

De pensioenleeftijd schuift op en ontziemaatregelen voor oudere collega’s worden in cao’s vervangen door levensfasebeleid. Deze ontwikkelingen stimuleren werkgevers en medewerkers in allerlei bedrijven na te denken over hoe we verschillen tussen medewerkers kunnen gebruiken om maatwerkroosters te maken. Wij zoeken met onze opdrachtgevers naar roosteroplossingen die bovendien goed passen bij het werkproces op een afdeling. Feitelijk ben je dan roosters aan het flexibiliseren op een manier waar zowel werknemers als werkgever plezier van kunnen hebben.  De adviseurs van Syntro hebben al ruim ervaring opgedaan met dit flexibiliseren van roosters.

 In sommige gevallen zijn de verschuivingen meer individueel van aard: oudere collega’s krijgen financieel wat meer ruimte (hypotheek afbetaald, kinderen de deur uit) en gaan parttime werken in ploegendienst, zodat zij meer hersteltijd hebben. Of collega’s ruilen bepaalde dienstsoorten al naar gelang hun voorkeur. Het initiatief ligt hier vooral bij de werknemer; de werkgever volgt de wens van de medewerkers en faciliteert de individuele aanpassingen. Je houdt dan één basisrooster en individuele medewerkers variëren met dat basisrooster. Eigenlijk worden individuele roosters op het basisrooster gestapeld om tot een kloppende bezetting te komen.


Een meer pro-actieve werkgever kan (ploegendienst)roosters stapelen en biedt zijn medewerkers de keuze uit verschillende roosters die samen resulteren in de gewenste bezetting. We illustreren dit concept, dat eigenlijk heel eenvoudig is, met een voorbeeld. Werkgever stelt vast dat oudere collega’s in de drieploegendienst die steeds meer moeite krijgen met nachtdiensten. Het drieploegenrooster met vijf vroege, middag- en nachtdiensten op doordeweekse dagen is zwaar, maar veel medewerkers zijn gehecht aan hun vrije weekends. In een drieweekse cyclus kent het rooster 15 acht-urige diensten, dus wordt 120 uur gepresteerd; na aftrek van ADV resteren 108 uren (36 uur per week).
Met de medewerkers is een alternatief besproken waarin een gelijke prestatie wordt geleverd: een drieploegenrooster met vroege en middagdiensten van 9 uur, van maandag t/m zaterdag. In drie weken worden dan 12 diensten gewerkt van 9 uren, dus 108 uren): het vrije weekend en ADV worden gedeeltelijk opgeofferd om niet meer ’s nachts te hoeven werken.

Een deel van de medewerkers hecht veel waarde aan de vrije weekends, maar een aantal anderen geeft de voorkeur aan het rooster zonder nachtdiensten. Werkgever komt tot het inzicht dat beide roosters probleemloos naast elkaar kunnen bestaan en een deel van de medewerkers blijft dus in het oude rooster werken en een ander deel gaat over naar het nieuwe rooster. Arbeidsvoorwaardelijk kunnen de roosters gelijk worden behandeld, zonder gevolgen voor de toeslagen. De medewerkers kunnen een levensfasegerichte keuze maken en samen leiden de roosters tot een exact gelijke capaciteit als wanneer alle medewerkers in één rooster werken. Een meeropbrengst voor de werkgever is dat de productieplanning ook beschikking heeft over een structurele zaterdagcapaciteit.

Diversiteit onder werknemers en maatwerk in bedrijfsvoering bieden wederzijdse kansen voor een duurzame inzetbaarheid. Zo kennen we ook situaties waarbij een kleine continubezetting in vijfploegendienst is gestapeld op de drieploegendienst, waardoor bepaalde processen in het weekend zonder oponthoud kunnen doorlopen. Het scala aan mogelijkheden is vrijwel onbegrensd.